spijtoptanten
spijtoptant

Spijtoptanten in het voetbal (en elders): gevaarlijk spel?

22 NOVEMBER 2018

Groot nieuws in ‘Operatie Propere Handen’: spelersmakelaar Velkjovic is de eerste om het statuut van ‘spijtoptant’ te krijgen. Daarmee wordt een verdachte bedoeld die met het openbaar ministerie een deal sluit om in ruil voor het afleggen van onthullende verklaringen strafvermindering te bekomen. Verklaringen die in dit geval de voetbalwereld misschien zullen doen daveren. Meteen werd ook al verduidelijkt welke straf werd ‘afgesproken’: vijf jaar gevangenisstraf en een geldboete van 80.000 euro, beiden met uitstel, en verbeurdverklaring van de vermogensvoordelen die Velkjovic heeft genoten. De wettelijke regeling van spijtoptanten waarop hiervoor wordt gesteund, trad in werking op 17 augustus 2018. Niet dat er daarvoor geen enkele mogelijkheid bestond om onthullende verklaringen te belonen, want sommige specifieke wetsbepalingen voorzien dat al veel langer (bv. in de drugwet of in de hormonenwet). Toch wordt daarvan bijna nooit toepassing gemaakt, vooral omdat enkel gunsten kunnen worden verleend aan iemand die verklaringen aflegt nog voordat hij zelf vervolgd wordt. Met de regeling waarop in ‘Operatie Propere Handen’ een beroep wordt gedaan, heeft de wetgever dus een spijtoptantensysteem willen introduceren waarmee wel successen kunnen worden geboekt in de strijd tegen de (georganiseerde) criminaliteit.

De figuur van de spijtoptant (in Nederland heeft men het over de ‘kroongetuige’, in Italië over ‘pentiti’) is allerminst onbesproken. Tot voor kort stond de Belgische wetgever vrij sceptisch tegenover de invoering ervan, maar ook in de landen die wel al met spijtoptanten werkten, is al heel wat inkt gevloeid over de opportuniteiten en risico’s die dit met zich brengt.

De voordelen lijken nochtans evident. Als je een verdachte kan overtuigen om niet alleen te bekennen, maar meteen ook informatie te verschaffen die de bestraffing van anderen mogelijk maakt of waarmee zelfs misdrijven kunnen worden vermeden, waarom niet? Zeker wanneer het gaat om georganiseerde criminaliteit of terrorisme, is moeilijk te ontkennen dat informatie van binnenuit soms van onschatbare waarde kan zijn. Als daar dan iets tegenovergesteld moet worden ten voordele van de ‘verklikker’, waarom niet? Je bakt tenslotte geen omelet zonder eieren te breken.

Nadelen of risico’s zijn er echter ook, waarbij de vraag uiteraard is welke de bovenhand nemen.

Toezeggingen aan criminelen

Een eerste ethische vraag is hoever een samenleving kan gaan in het toekennen van voordelen aan criminelen. De Belgische regeling laat zeer ruime voordelen toe: in ruil voor het afleggen van de verklaringen kunnen aan een verdachte allerhande toezeggingen worden gedaan door het openbaar ministerie. Dat gaat van strafvermindering tot zelfs eenvoudige schuldigverklaring, vermindering van verbeurdverklaring of geldboete, of zelfs toezeggingen met betrekking tot de uitvoering van een reeds uitgesproken straf. Om te weten hoever men daarin kan gaan, is vooral van belang of er sprake is geweest van geweld of bedreiging bij het plegen van de feiten. Is dat niet zo, dan is zelfs een eenvoudige schuldigverklaring mogelijk. Er wordt dan helemaal geen straf opgelegd, al kan er wel worden overgegaan tot verbeurdverklaring van de vermogensvoordelen en moeten uiteraard ook eventuele benadeelden vergoed worden. De deal moet wel proportioneel zijn, want dat wordt achteraf gecontroleerd door een rechter. Door het ruime karakter van de wet zal het dus vooral van de praktische toepassing en de rechterlijke controle afhangen waartoe de regeling zal leiden. Ter vergelijking: in Nederland bedraagt de maximale strafvermindering in de praktijk 50%. In Italië voorziet de wet in een maximale reductie van 2/3 van de straf, in Duitsland kan er bij ernstige feiten dan weer 25% af. Als samenleving moet men dus aanvaarden dat minstens een deel van de straf wordt kwijtgescholden, aangezien dat nu eenmaal eigen is aan het werken met spijtoptanten.

Door het ruime karakter van de wet zal het dus vooral van de praktische toepassing en de rechterlijke controle afhangen waartoe de regeling zal leiden. Ter vergelijking: in Nederland bedraagt de maximale strafvermindering in de praktijk 50%. In Italië voorziet de wet in een maximale reductie van 2/3 van de straf, in Duitsland kan er bij ernstige feiten dan weer 25% af.

Financiële beloning van spijtoptanten?

Moeilijker is de vraag of een spijtoptant ook financieel beloond mag worden voor zijn hulp aan het gerecht. De Belgische wet voorziet geen toezegging in die zin, tenzij de financiële beloning bestaat in een kwijtschelding of verlaging van verbeurdverklaring. De spijtoptantenregeling zal in de praktijk echter veelal samengaan met het getuigenbeschermingssysteem. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt namelijk dat afspraken over bescherming van de getuige van groot belang zijn voor de bereidwilligheid om belastende verklaringen af te leggen. In dat verband zijn wel financiële hulpmaatregelen mogelijk, hetzij eenmalig, hetzij in de vorm van een maandelijkse onderhoudsuitkering. Daarover wordt beslist door de getuigenbeschermingscommissie, waarvan het stemrecht volledig in handen ligt van het openbaar ministerie en de federale politie. Met betrekking tot de toegekende beschermingsmaatregelen geldt strikte geheimhoudingsplicht. Wanneer er in de toekomst bescherming wordt aangeboden aan spijtoptanten, zal het dus onmogelijk zijn om te weten of de getuigenbeschermingscommissie aan de getuige financiële hulpmaatregelen heeft toegekend die eigenlijk een verkapte beloning zijn voor het afleggen van belastende verklaringen. Meer transparantie wat dit betreft lijkt dus noodzakelijk. Het maatschappelijk draagvlak voor het toekennen van financiële beloningen aan spijtoptanten is immers wellicht niet al te groot. Bovendien kan het al snel leiden tot perverse neveneffecten. In Italië werden ‘pentiti’ vroeger – o ironie – wel eens vergeleken met beroepsvoetballers: sommige spelen maar in een lagere klasse, maar zij die de Champions League halen (de ‘pentiti d’oro’ of ‘gouden spijtoptanten’) konden volgens de principes van de vrije markt bijna krijgen wat ze willen. Dat is niet echt bevorderlijk voor het rechtsgevoel en het beeld van Justitie. Vooral de slachtoffers van de misdrijven gepleegd door spijtoptanten, hebben daardoor nog meer het gevoel in de kou te staan.

Wanneer er in de toekomst bescherming wordt aangeboden aan spijtoptanten, zal het dus onmogelijk zijn om te weten of de getuigenbeschermingscommissie aan de getuige financiële hulpmaatregelen heeft toegekend die eigenlijk een verkapte beloning zijn voor het afleggen van belastende verklaringen. Meer transparantie wat dit betreft lijkt dus noodzakelijk.

De zoektocht naar de interessantste verklaringen

Een andere, eigenlijk ook ethische vraag, is hoe het zit met de gelijkheid tussen verdachten. Is het aanvaardbaar dat de ene verdachte minder wordt gestraft dan de overige verdachten die misschien samen hetzelfde feit hebben gepleegd? Dat stelt wellicht minder problemen, omdat de rechtspraak ook zonder spijtoptantenregeling bij het bepalen van de gepaste straf bv. rekening kan houden met het feit dat een verdachte tot inkeer is gekomen en heeft bekend. Maar dat neemt niet weg dat het voor de overige verdachten best frustrerend kan zijn dat het openbaar ministerie hen niet heeft uitgekozen als spijtoptant en een andere wel. Al kunnen zij uiteraard ook zelf het initiatief nemen en dan komt het er vooral op aan de eerste te zijn. Maar ook dat biedt geen garantie op bereidwilligheid van de kant van het openbaar ministerie, dat dus zelf de sleutel in handen houdt om een verdachte wel of niet toegang te geven tot het statuut van spijtoptant. De vraag is of het daardoor niet te verleidelijk wordt om potentiële getuigen tegen elkaar op te zetten in de zoektocht naar de ‘interessantste’ verklaringen.

Pasmunt voor toezeggingen

Verder maakt de Belgische wet het ook mogelijk dat een spijtoptant toezeggingen krijgt voor verklaringen met betrekking tot feiten waarmee hij zelf niets te maken heeft. Anders dan bv. in Duitsland het geval is, moet er dus geen verband zijn tussen de feiten waarvan de spijtoptant zelf verdacht wordt en de feiten waarover hij een verklaring aflegt. Zo is het mogelijk dat een gedetineerde informatie die hij weet over een medegedetineerde tracht te gebruiken als pasmunt voor toezeggingen bij zijn strafuitvoering. Dat zal het leven in de gevangenis er wellicht niet eenvoudiger op maken.

Betrouwbaar of niet?

De belangrijkste kwestie echter, is ongetwijfeld de vraag hoe betrouwbaar een verklaring is van een getuige die beloond wordt om substantiële en onthullende verklaringen af te leggen. Reeds in 1985 schreef de Siciliaanse politicus en maffiakenner Michele Pantaleone in zijn boek Mafia: pentiti? over verklaringen van spijtoptanten die neerkomen op onderlinge afrekeningen, pogingen om eigen vel te redden of pogingen om de onderzoekers op een dwaalspoor te zetten. Uiteraard kan de spijtoptant beter niet liegen, want het het afleggen van onoprechte verklaringen kan leiden tot de intrekking van de toegekende voordelen. Maar kan dat volstaan om zeker te zijn dat de verklaringen volledig waarheidsgetrouw zijn? Een verklaring kan ook gedeeltelijk juist zijn, maar overdreven of gekleurd. Bij wijze van afrekening, kan de spijtoptant iemand bij de feiten betrekken die er in werkelijkheid niets mee te maken had. Of hij kan de schuld subtiel bij iemand anders leggen om de eigen rol in de feiten te minimaliseren. Uiteraard zal de rechter uiteindelijk de bewijswaarde van de verklaringen moeten beoordelen, maar bij dit alles schuilt misschien toch het gevaar dat de verklaring als het ware de referentie wordt waartegen de overige verklaringen worden afgemeten. Men zou immers kunnen denken dat de spijtoptant er geen belang bij heeft te liegen. Dat kan nochtans het geval zijn. Uit Nederlands onderzoek blijkt dat de motivatie bij 10% van de potentiële spijtoptanten terug te brengen is tot gevoelens van wraak en rancune. Bij 20% is niet goed vast te stellen wat de motivatie is. Bij een groot deel (30%) speelt vooral het onveiligheidsgevoel een rol: men voelt zich bedreigd en wenst bescherming. Het afleggen van voldoende belastende verklaringen kan dus een middel zijn om dat doel te bereiken. En eenmaal zo’n verklaring is afgelegd, kan de spijtoptant er eigenlijk niet meer op terugkomen, want dan riskeert hij de beloofde toezeggingen te verliezen. Zelfs een verhoor ter terechtzitting – nochtans een belangrijk recht van de verdediging die geconfronteerd wordt met belastende getuigenverklaringen – verliest daardoor aan waarde.

Uit Nederlands onderzoek blijkt dat de motivatie bij 10% van de potentiële spijtoptanten terug te brengen is tot gevoelens van wraak en rancune. Bij 20% is niet goed vast te stellen wat de motivatie is. Bij een groot deel (30%) speelt vooral het onveiligheidsgevoel een rol: men voelt zich bedreigd en wenst bescherming. Het afleggen van voldoende belastende verklaringen kan dus een middel zijn om dat doel te bereiken. En eenmaal zo’n verklaring is afgelegd, kan de spijtoptant er eigenlijk niet meer op terugkomen, want dan riskeert hij de beloofde toezeggingen te verliezen.

Steunbewijs

Er is natuurlijk wel de regel dat de verklaring van de spijtoptant enkel als steunbewijs geldt. De verklaring zelf is dus onvoldoende om iemand te veroordelen. Dat doet dan weer de vraag rijzen hoe sterk het overige bewijs moet zijn. Moet dat volstaan voor een veroordeling zelfs zonder de verklaring van de spijtoptant, of mag er nog sprake zijn van twijfel die weggenomen wordt door die verklaring? Bij de totstandkoming van de spijtoptantenwet merkte de wetgever zelf op dat in de praktijk de verklaring meestal als uitgangspunt zal dienen, waarna verder bewijsmateriaal kan worden gevonden. Ook dat is nochtans niet geheel risicoloos. Stel nu even dat een spijtoptant echt iemand, samen met vele andere verdachten, in het strafrechtelijke bad wil trekken terwijl die daarin niet thuishoort. Zijn verklaring zal niet volstaan, maar wat als hij eerder ‘bewijs’ heeft neergeplant op een locatie waar men na zijn verklaring zal speuren (bv. de woning van de betrokkene)? Het wordt dan wel echt moeilijk voor die laatste om de rechter nog te overtuigen van zijn onschuld. Akkoord, dit scenario is ver gezocht. Maar het is niet helemaal ondenkbeeldig. Mag men het uitgesloten achten dat een deelnemer aan georganiseerde criminaliteit ook zijn rol als spijtoptant ‘organiseert’ door aantrekkelijke maar (al is het maar gedeeltelijk) onjuiste informatie aan te leveren waardoor (deels) onterechte veroordelingen tot stand komen? Niet alleen in voetbal is alles mogelijk, ook in strafzaken is dat zo.

Nasmaak

Of de voordelen van het werken met spijtoptanten nog wel opwegen tegen de nadelen is dus de vraag. Dat is ongetwijfeld wel zo wanneer de toepassing ervan beperkt blijft tot anders onophelderbare dossiers van zeer zware criminaliteit. Een frequenter gebruik lijkt echter niet wenselijk.  Het kan namelijk niet de bedoeling zijn dat het gegeven dat een straf wordt bepaald door het openbaar ministerie en achteraf enkel nog wordt ‘getoetst’ door de rechterlijke macht gemeengoed wordt. Dat geeft immers toch altijd een beetje een wrange nasmaak.

Het moet trouwens gezegd dat deze rechterlijke toetsing de deal voor de spijtoptant ook onzeker maakt. Als de rechter de beloofde toezeggingen niet proportioneel acht, staat de spijtoptant eigenlijk nergens. Het openbaar ministerie kan dan een nieuw voorstel doen (met minder gunstige toezeggingen), maar is daartoe niet verplicht. En dat op een ogenblik dat de verklaringen wellicht al zijn afgelegd …

Deel dit bericht

Verwante berichten

Spijtoptant Een spijtoptant is een verdachte die een deal sluit met het openbaar ministerie om in ruil voor het afleggen van onthullende verklaringen strafvermindering te bekomen. lees meer spijtoptanten Toezeggingen aan criminelen in ruil voor verklaringen in België Op 22 en 23 november 2019 vindt te Brugge de jaarlijkse bijeenkomst van de Vereniging voor de vergelijkende studie van het recht van België en Nederland plaats. In de afdeling strafrecht van de vereniging zal het (zowel in België als in Nederland actuele) thema van de spijtoptant worden besproken.

Het preadvies aan Vlaamse kant werd geschreven door Joachim Meese en bevat onder meer een kritische analyse van de Belgische wettelijke regeling inzake spijtoptanten.
lees meer
Adamčo t. Slowakije: onvolkomen rechterlijke controle op getuigenbewijs afkomstig van spijtoptant schendt recht op eerlijk proces Het arrest in de zaak Adamčo t. Slowakije (EHRM 12 november 2019) is interessant omdat het Hof zich daarin onder meer uitspreekt over de gevolgen van het gebruik van een belastende verklaring afgelegd door een getuige die hiervoor als medebeklaagde zelf voordelen heeft genoten bij zijn eigen vervolging. Of eenvoudiger uitgedrukt: een spijtoptant.

Bij onze bespreking van dit arrest komen wij tot het besluit dat Belgische zaken waarin verklaringen van getuigen worden gebruikt die hiervoor voordelen hebben bekomen buiten de Belgische algemene spijtoptantenregeling om, tot heel wat discussie aanleiding lijken te kunnen geven in de toekomst.
lees meer
Justitie werkt voortaan samen met betrouwbare criminelen In aflevering 7 van het Rechtskundig Weekblad jaargang 82 verscheen een kritische kijk op twee wetten van 22 juli 2018 die op 7 augustus 2018 in het Staatsblad werden gepubliceerd. Sedert de inwerkingtreding van deze wetten op 17 augustus 2018 is het mogelijk om burgers te laten infiltreren in criminele organisaties (burgerinfiltratie) en om aan criminelen die een andere crimineel aan de galg te praten, toezeggingen te doen op vlak van straf voor de feiten die zij zelf hebben gepleegd (spijtoptanten, ook wel pentiti genoemd). lees meer zwijgrecht U hebt het recht om te zwijgen ... maar als u uw zwijgrecht gebruikt, riskeert u daarvoor wel tot vijf jaar gevangenisstraf In een arrest van 4 februari 2020 heeft het Hof van Cassatie beslist dat een verdachte die de toegangscode tot een informaticasysteem kent (bijv. zijn eigen gsm-toestel), maar weigert die op te geven ondanks een daartoe strekkend bevel van de onderzoeksrechter, strafbaar is. Dit arrest werd onmiddellijk opgepikt door de media en zal ongetwijfeld belangrijke gevolgen hebben voor de praktijk. Onze kritische en uitgebreide bespreking van het arrest is nu te lezen op Criminis. lees meer Kamer van inbeschuldigingstelling dan toch bevoegd bij voorrecht van rechtsmacht Het Grondwettelijk Hof legt bij arrest van 28 februari 2019 een eerder arrest uit en beslist dat een gerechtelijk onderzoek gevoerd tegen lagere magistraten wel degelijk moet leiden tot een regeling der rechtspleging door de kamer van inbeschuldigingstelling. lees meer Inverdenkingstelling Een formele inverdenkingstelling houdt dat in een onderzoeksrechter een verdachte ervan in kennis stelt dat er tegen hem ernstige aanwijzingen van schuld bestaan. Daarnaast bestaat ook een virtuele of impliciete inverdenkingstelling. lees meer Amanda Knox t. Italië: onvoldoende onderzoek naar mensonwaardige behandeling, gebrek aan bijstand en een te voortvarende tolk leiden tot oneerlijk proces Het verhaal van Amanda Knox is wellicht iedereen bekend. Deze Amerikaanse uitwisselingsstudente werd verdacht van de moord op Meredith Kercher in 2007 in Perugia (Italië) en zat hierdoor 4 jaar in de gevangenis in Italië. De zaak en het lange proces kregen heel wat media-aandacht. Na eerder te zijn veroordeeld, werd Amanda Knox uiteindelijk op 27 maart 2015 definitief vrijgesproken voor de moord bij arrest van het Italiaanse Hof van Cassatie. Op Netflix is intussen een documentaire te zien over de zaak.

Op 24 januari 2019 deed het EHRM uitspraak in de zaak Knox t. Italië. Dit arrest is een uitloper van de strafprocedure die in Italië tegen Amanda Knox werd...
lees meer
Minnelijke schikking Een minnelijke schikking houdt in dat het openbaar ministerie aan de verdachte voorstelt om een geldsom te betalen waarmee de strafvordering komt te vervallen. lees meer Uniform reglement verhoorbijstand Salduz gepubliceerd In het Staatsblad van vandaag is het "Uniform reglement verhoorbijstand Salduz in het kader van de permanentiedienst" van de Orde van Vlaamse Balies verschenen. In de toekomst zullen enkel advocaten die een bijzondere opleiding voor bijstand van verdachten tijdens het verhoor hebben gevolgd, nog ingeschreven kunnen worden op de permanentiedienst waarop een beroep wordt gedaan wanneer een advocaat wordt gezocht voor het verlenen van bijstand aan een gearresteerde verdachte. lees meer Gjini t. Servië: geweld tussen gedetineerden vereist ook zonder strafklacht grondig onderzoek In een arrest van vandaag deed het EHRM uitspraak in een zaak waarin de verzoeker, een Kroatische onderdaan, ernstig fysiek en mentaal werd mishandeld in een Servische gevangenis door Servische medegedetineerden (zie het overzicht van de feiten in de randnes. 11-22 van het arrest). Deze mishandeling stopte pas nadat de advocaat van de verzoeker om een overplaatsing had verzocht nadat hij had gezien dat er duidelijk iets aan zijn cliënt schortte, ook al wou hijzelf daarover niets kwijt.

Interessant aan het arrest is dat het EHRM de exceptie van de Servische overheid dat niet alle interne rechtsmiddelen werden uitgeput (art. 35 EVRM), verwerpt: het feit dat de verzoeker geen strafklacht heeft...
lees meer
Huiszoeking De huiszoeking is een onderzoekshandeling die ertoe strekt om gegevens met betrekking tot misdrijven op te sporen en te verzamelen in privéplaatsen, dus plaatsen die door het recht op de eerbiediging van het privéleven zijn beschermd. lees meer Criminis snelnieuws Hof van Justitie spreekt zich opnieuw uit over dataretentie In twee belangrijke arresten van 6 oktober 2020 heeft het Hof van Justitie zich opnieuw uitgesproken over dataretentie. Wij vatten de belangrijkste conclusies van deze arresten voor u samen. lees meer Bijzondere opsporingsmethoden Er zijn vier bijzondere opsporingsmethoden: de stelselmatige observatie, de infiltratie, de burgerinfiltratie en de informantenwerking. Specifiek voor de bijzondere opsporingsmethoden is dat er gewerkt wordt met een vertrouwelijk dossier dat noch aan de partijen noch aan de vonnisrechter wordt voorgelegd. lees meer Ook de beklaagde beschikt voortaan over een volgberoep Het Grondwettelijk Hof heeft zich in een arrest van 6 juni 2019 (nr. 96/2019) nog maar eens uitgesproken over het in 2016 gewijzigde hoger beroep in strafzaken. In essentie komt deze beslissing erop neer dat het volgberoep waarover het openbaar ministerie beschikt, ook moet openstaan voor de beklaagde.

We staan stil bij de concrete gevolgen van dit arrest en de nieuwe vragen waartoe het leidt.

Onze conclusie: anders dan wat de wetgever destijds heeft aangekondigd, is het nieuwe hoger beroep geen quick win. Het is een epic fail.
lees meer
voorrecht van rechtsmacht Kamer van inbeschuldigingstelling stuurt zaak met voorrecht van rechtsmacht opnieuw naar het Grondwettelijk Hof In een zaak behandeld door ons kantoor heeft de kamer van inbeschuldigingstelling te Gent bij arrest van 6 december 2018 (KI 2018/12/101) beslist om meer duidelijkheid te vragen aan het Grondwettelijk Hof over de toepassing van het voorrecht van rechtsmacht na het arrest van het Grondwettelijk Hof van 22 maart 2018.

Met name wordt de volgende vraag voorgelegd aan het Grondwettelijk Hof:

“Dient het arrest van het Grondwettelijk hof van 22 maart (GwH 35/2018) aldus begrepen te worden dat enkel een initiatief van de wetgever de vastgestelde schending van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet door de artikelen 479, 483 en 503bis van het Wetboek van Strafvordering, vermag...
lees meer
Rechter moet GAS-boete kunnen verminderen bij verzachtende omstandigheden Uit een arrest van het Grondwettelijk Hof van 23 januari 2019 (arrest nr. 8/2019) blijkt dat GAS-boetes die worden opgelegd voor inbreuken op onder meer de regels inzake het stilstaan en het parkeren, door de rechter moeten kunnen worden verminderd tot onder het minimum als er sprake is van verzachtende omstandigheden.

Indien men voor dezelfde feiten voor de politierechter in een strafprocedure verschijnt, kan de rechter de geldboete verminderen door toepassing te maken van artikel 29, § 1, eerste lid, van de Wegverkeerswet. Het zou dus niet redelijk te verantwoorden vallen om iemand die een GAS-boete krijgt voor een zelfde feit, anders te behandelen (overweging B.7 van het arrest).
lees meer
Criminis snelnieuws Cassatie stelt prejudiciële vraag over bestraffing onopzettelijke doding bij verkeersongeval In een arrest van 27 oktober 2020 heeft het Hof van Cassatie het verschil in bestraffing van onopzettelijke doding in verkeerscontext in vergelijking met andere vormen van onopzettelijke doding voorgelegd aan het Grondwettelijk Hof. lees meer Zuivering der nietigheden De zuivering der nietigheden is een procedure die tijdens of op het einde van het gerechtelijk onderzoek kan plaatsvinden en die ertoe strekt om na te gaan of er zich bij dat onderzoek al dan niet onregelmatigheden hebben voorgedaan bij de bewijsverkrijging. lees meer Criminis snelnieuws Weigering om getuige à décharge te horen vereist concrete motivering Over de verplichting van de vonnisrechter om getuigen à charge te horen wanneer de beklaagde daarom verzoekt, is het standpunt van de rechtspraak ondertussen genoegzaam bekend. Gaat het echter om een vraag tot het horen van een getuige à décharge, dan is de toestand iets anders.

Een arrest van 26 februari 2019 van het Hof van Cassatie (P.18.1028.N) brengt daarover nu verheldering.
lees meer
Hoger beroep door het openbaar ministerie bij het appelgerecht In een arrest van 23 oktober 2018 heeft het Hof van Cassatie gezorgd voor meer duidelijkheid over de wijze waarop het openbaar ministerie bij het appelgerecht hoger beroep moet instellen. De eiser in cassatie, vertegenwoordigd en bijgestaan door ons kantoor, had aangevoerd dat het hoger beroep door het openbaar ministerie bij het appelgerecht onontvankelijk had moeten worden verklaard omdat de akte van betekening van het hoger beroep met daarin de opgave van de grieven niet binnen de beroepstermijn ter griffie was neergelegd. Het Hof van Cassatie volgde deze redenering en vernietigde de bestreden beslissing: wanneer het openbaar ministerie hoger beroep aantekent op de wijze bedoeld in art. 205 van het... lees meer Grondwettelijk Hof vernietigt de wet digitale recherche gedeeltelijk In een arrest van 6 december 2018 (nr. 174/2018) heeft het Grondwettelijk Hof de wet van 25 december 2016 "houdende diverse wijzigingen van het Wetboek van strafvordering en het Strafwetboek, met het oog op de verbetering van de bijzondere opsporingsmethoden en bepaalde onderzoeksmethoden met betrekking tot internet en elektronische en telecommunicaties en tot oprichting van een gegevensbank stemafdrukken" gedeeltelijk vernietigd. lees meer Criminis snelnieuws Laattijdig geraadpleegde advocaat en uitstel: meestal nodig, maar niet altijd Als een advocaat pas kort voor een pleitzitting wordt geraadpleegd, lijkt het logisch dat om uitstel wordt gevraagd om de verdediging te kunnen voorbereiden. Toch moet daarmee worden opgelet, zo blijkt uit een arrest van het Hof van Cassatie van 3 november 2020. Een beklaagde heeft namelijk geen absoluut recht op uitstel in een dergelijk geval, stelt het Hof. lees meer Criminis snelnieuws Hof van Cassatie stelt drie prejudiciële vragen over voorrecht van rechtsmacht In een zaak behandeld door ons kantoor heeft het Hof van Cassatie in een arrest van 26 november 2019 (P.19.0811.N) drie prejudiciële vragen gesteld aan het Grondwettelijk Hof over het voorrecht van rechtsmacht. In de zaak die aanleiding gaf tot het arrest, was een medeverdachte rechtstreeks gedagvaard na een gerechtelijk onderzoek gevoerd door een raadsheer-onderzoeksrechter en nadat de strafvordering lastens de houder van het voorrecht van rechtsmacht was vervallen wegens het betalen van een minnelijke schikking. lees meer Uitlevering van EU-onderdanen na het arrest Denis Raugevicius Wat als een Unieburger verblijft in een ander EU-land dan het zijne en er een vraag tot uitlevering wordt gericht aan dat land? Rusland vraagt bv. de uitlevering aan België van een Nederlandse onderdaan die hier verblijft of permanent woont. Kan de uitlevering dan worden toegestaan, of moet het verbod van uitlevering van eigen onderdanen dan per analogie worden toegepast op de EU-onderdaan die gebruik maakt van zijn recht van vrij verkeer?

Over deze en andere vragen leest u meer in onze recente bijdrage naar aanleiding van het arrest Denis Raugevicius van het Hof van Justitie.
lees meer
Plaatsopneming Een plaatsbezoek (soms ook een afstapping ter plaatse genoemd) houdt in dat een onderzoek geschiedt op de plaats waar het misdrijf is gepleegd of op elke andere plaats waar nuttige vaststellingen kunnen worden gedaan. lees meer Criminis snelnieuws Vanop privaat terrein foto's nemen van een binnenkoer die aan het straatzicht is onttrokken, kan niet zonder toestemming onderzoeksrechter In een recent arrest (12 februari 2019, P.18.1037.N) heeft het Hof van Cassatie verduidelijkt dat wanneer de politie vanop privaat terrein foto's neemt van de binnenkant van een woning of van aanhorigheden bij deze woning die niet zichtbaar zijn vanop straat (of vanop andere openbare terreinen), daarvoor toestemming van de onderzoeksrechter vereist is. lees meer Criminis snelnieuws Europees aanhoudingsbevel en detentie-omstandigheden In een  belangrijk arrest van 15 oktober 2019 (zaak C-128/18, Dumitru-Tudor Dorobantu), heeft de Grote Kamer van het Hof van Justitie zich uitgesproken over de vraag in welke mate bij de beslissing of de tenuitvoerlegging van een Europees aanhoudingsbevel moet worden geweigerd, rekening moet worden gehouden met de detentie-omstandigheden in het land dat het Europees aanhoudingsbevel heeft uitgevaardigd. Ook de minimale ruimte waarover de gedetineerde in de cel moet kunnen beschikken, komt daarbij aan bod. lees meer Hasan Köse t. Turkije: straf met uitstel wegens ernstig politiegeweld schendt art. 2 EVRM In een arrest van vandaag (Hasan Köse t. Turkije) heeft het EHRM zich nogmaals uitgesproken over de positieve verplichting die op de overheid rust om voorvallen van ernstig politiegeweld te onderzoeken en te bestraffen.

De verzoeker werd samen met zijn broer op weg naar het werk gestopt door de wegpolitie. Toen zij om identificatie vroegen van de twee politieagenten, raakten de gemoederen verhit en begonnen de politieagenten de broers te slaan en maakten zij gebruik van traangas. Ze toonden geen identificatie, wat de broers deed vrezen dat ze te maken hadden met dieven die zich hadden vermomd als politie. Een van de broers trachtte een knuppel uit zijn wagen te halen,...
lees meer
Aangehoudene wiens overlevering n.a.v. een Europees aanhoudingsbevel wordt uitgesteld, moet niet noodzakelijk gedetineerd blijven In een arrest van 28 mei 2019 stelt het Grondwettelijk Hof vast dat artikel 20, §§ 2, 3 en 4, van de wet van 19 december 2003 betreffende het Europees aanhoudingsbevel het gelijkheidsbeginsel schendt "in zoverre het aan de personen die krachtens een uitvoerbaar verklaard Europees aanhoudingsbevel in hechtenis worden gehouden en wier overlevering aan de uitvaardigende Staat wordt uitgesteld met toepassing van artikel 24 van de wet van 19 december 2003, opdat in België vervolging kan worden ingesteld wegens een ander feit dan dat waarop het Europees aanhoudingsbevel betrekking heeft, niet de mogelijkheid biedt om te verzoeken om hun voorwaardelijke invrijheidstelling of om hun invrijheidstelling tegen borgstelling, noch om... lees meer Kan een verdachte gedwongen worden een smartphone of pc te ontgrendelen? Gelezen in HUMO: VRT-journalist Bart Aerts over de huiszoeking waarbij zijn iPhone in beslag werd genomen: “Ze hebben mij in Brugge gevraagd om mijn toegangscode en pincode op een papiertje te schrijven. Uiteindelijk heb ik mijn toegangscode gegeven. Ik was murw, ik had al die tijd niets gegeten. Ik dacht: ‘anders blijft het hier maar duren’. (…) Het gebeurde onder lichte dwang. Ze zeiden dat een team van specialisten er hoe dan ook in zou slagen mijn iPhone uit te lezen.” Hoe zit het nu eigenlijk met het uitlezen van smartphones en andere digitale apparaten in strafzaken en vooral: kan een verdachte verplicht worden om het toestel te ontgrendelen of... lees meer regeling der rechtspleging Rechtsmiddelen in het kader van de regeling der rechtspleging In deze video verduidelijkt Joachim Meese welke rechtsmiddelen kunnen worden aangewend in het kader van de regeling der rechtspleging. Aandacht wordt daarbij met name besteed aan beslissingen tot opschorting, internering, buitenvervolgingstelling en verwijzing naar de vonnisrechter. lees meer Regeling der rechtspleging De regeling der rechtspleging is de procedure die plaatsvindt op het einde van het gerechtelijk onderzoek, waarbij het onderzoeksgerecht moet nagaan of er voldoende bezwaren zijn om de de zaak te verwijzen naar het vonnisgerecht. lees meer Betrapping op heterdaad Betrapping op heterdaad is wanneer het misdrijf wordt ontdekt terwijl het wordt gepleegd of onmiddellijk daarna, of wanneer de verdachte kort na het misdrijf wordt aangetroffen in het bezit van zaken, wapens of werktuigen die doen vermoeden dat hij de dader van het misdrijf is of een medeplichtige. lees meer Kobiashvili t. Georgië: over politionele informatie en onbetrouwbaar bewijs De zaak Kobiashvili t. Georgië begint op 4 juli 2004, wanneer de korpschef van de 'district police department' in Tbilisi een dringende opdracht geeft om Kobiashvili te fouilleren. De man zou namelijk in het bezit zijn van verdovende middelen die in beslag moeten worden genomen. Deze opdracht werd schriftelijk gegeven op een standaardformulier waarop de naam van de verzoeker met de hand werd ingevuld. De oorsprong van de opdracht zou terug te brengen zijn tot politionele informatie.

Bij uitvoering van deze opdracht zou gebleken zijn dat Kobiashvili inderdaad in het bezit was van 0,059 gram heroïne. Het dossier bevat ook twee verklaringen van getuigen die door de politie op straat zouden zijn...
lees meer
Inbeslagneming Inbeslagneming is een bewarende maatregel waardoor goederen tijdens een strafprocedure in bewaring worden genomen door de overheid of waardoor men het beschikkingsrecht over die goederen tijdelijk verliest. lees meer Criminis snelnieuws Duitse parketmagistraat onvoldoende onafhankelijk om Europees aanhoudingsbevel uit te vaardigen In twee belangrijke arresten van 27 mei 2019 heeft het Hof van Justitie zich uitgesproken over het uitvaardigen van een bevel tot aanhouding door een magistraat van het parket. Daar waar in België over het uitvaardigen van een (Europees) bevel tot aanhouding wordt beslist door een onderzoeksrechter, gebeurt dat in sommige landen door een magistraat van het openbaar ministerie. Daarvan zegt het Hof van Justitie dat dit niet altijd verenigbaar is met de vereisten van het Unierecht, namelijk wanneer er onvoldoende waarborgen zijn dat de betrokken parketmagistraat de beslissing volstrekt onafhankelijk kan nemen.

Deze arresten hebben uiteraard grote gevolgen voor alle lopende zaken waarin Belgische onderzoeksgerechten (en ook buitenlandse gerechtelijke autoriteiten)...
lees meer
Criminis snelnieuws Openbaar ministerie mag advies verlenen bij loutere afhandeling burgerlijke belangen In een arrest van 29 september 2020 heeft het Hof van Cassatie verduidelijkt dat het openbaar minsterie bij de afhandeling van de burgerlijke belangen aanwezig mag zijn ter terechtzitting en er zijn advies over de beoordeling van de burgerlijke vordering kenbaar mag maken. lees meer Bij een laattijdig vastgesteld voortgezet misdrijf mag maar moet geen rekening worden gehouden met veroordelingen in een ander Europees land Wanneer de rechter vaststelt dat er sprake is van een laattijdig vastgesteld voortgezet misdrijf, moet hij toepassing maken van de bestraffingsmildering voorzien in artikel 65, tweede lid van het Strafwetboek. Die regel is echter niet van toepassing wanneer de eerdere feiten bestraft werden in een andere lidstaat van de Europese Unie. In een arrest van 16 januari 2020 heeft het Grondwettelijk Hof vastgesteld dat die situatie niet strijdig is met het gelijkheidsbeginsel, onder die interpretatie dat de rechter de veroordelingen in een andere lidstaat van de Europese Unie wel op een andere wijze in aanmerking kan nemen. lees meer De herziening van gerechtelijke dwalingen vernieuwd Niets zo erg als een gerechtelijke dwaling. Een op een waar gebeurd verhaal gebaseerde serie zoals Making a murderer laat wellicht al niemand onberoerd, maar daarnaast zijn er ook af en toe berichten over (lang)gestraften wiens onschuld uiteindelijk moet worden vastgesteld, bijvoorbeeld op basis van dna-analyses op oude sporen. Het zou echter een illusie zijn te denken dat gerechtelijke dwalingen enkel een Amerikaans probleem vormen. Elke rechtstaat moet er immers rekening mee houden dat niemand onfeilbaar is, zodat ook een juridisch vastgestelde ‘waarheid’ feitelijk onjuist kan zijn.

In veel landen bestaat dan ook een speciale commissie die gelast wordt met het onderzoek naar klachten over gerechtelijke dwalingen. Voor het bestaan van...
lees meer
Inkijkoperatie Bij een inkijkeropatie betreedt de politie heimelijk een private plaats om er informatie te verzamelen, te speuren naar bewijsmateriaal en eventueel bespiedingsapparatuur te plaatsen. lees meer Ook hoger beroep tegen de beslissing die het verzet als gedaan beschouwt, maakt grond van de zaak aanhangig In een arrest van 26 september 2019 zegt het Grondwettelijk Hof dat artikel 187, §9, 2e lid van het Wetboek van Strafvordering de Grondwet schendt "in zoverre het niet bepaalt dat een hoger beroep tegen de beslissing die het verzet als gedaan beschouwt, inhoudt dat de grond van de zaak aanhangig wordt gemaakt bij de rechter in hoger beroep wanneer die laatste het verzet voor het eerst ongedaan verklaart in hoger beroep".

Wij geven wat toelichting bij deze beslissing.
lees meer
Ēcis t. Letland: ernstig ongelijke strafuitvoering mannen en vrouwen schendt de artikelen 14 en 8 EVRM In de zaak Ēcis t. Letland heeft het EHRM zich op 10 januari 2019 uitgesproken over de vraag of een verschillende behandeling van mannen en vrouwen bij de strafuitvoering al dan niet een schending oplevert van het EVRM.

De verzoeker zat in de gevangenis tussen 2002 en 2015. In 2008 verzocht hij om de begrafenis van zijn vader te kunnen bijwonen, maar dit werd geweigerd bij gebrek aan wettelijke grondslag. De verzoeker zat namelijk in een ‘maximum-security’ gevangenis en kwam daardoor naar Lets recht niet in aanmerking voor de gevraagde gunst. Naar aanleiding daarvan beklaagde hij zich erover dat andere wettelijke regelingen gelden bij de strafuitvoering van mannen dan het geval...
lees meer
Criminis snelnieuws Grievenformulier mag niet te soepel maar ook niet te streng beoordeeld worden In een arrest van 5 maart 2019 (P.18.1158.N) heeft het Hof van Cassatie zich nog maar eens uitgesproken over het grievenformulier in strafzaken.

Om na te gaan of de grieven voldoende nauwkeurig zijn geformuleerd, moet de appelrechter rekening houden met de wijze waarop de appellant in het verzoekschrift of grievenformulier de grieven heeft vermeld. Het Hof van Cassatie verduidelijkt dat de rechter bij die beoordeling niet overdreven soepel mag zijn omdat anders de bedoeling van de wetgever om ondoordachte hogere beroepen te vermijden niet kan worden bereikt, maar dat hij evenmin overdreven formalistisch mag zijn omdat anders het door artikel 6.1 EVRM gewaarborgde recht van toegang tot de rechter dreigt in...
lees meer
Deadline pilootarrest internering is verstreken Vandaag is het exact twee jaar geleden dat het pilootarrest W.D. tegen België van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) definitief is geworden. In dat arrest werd ons land veroordeeld voor de wijze waarop geïnterneerden worden behandeld in de Belgische gevangenissen. Er werd een termijn van twee jaar voorzien om orde op zaken te stellen en die termijn is nu dus voorbij.

Wij maken van de gelegenheid gebruik om de inhoud van het arrest W.D. nog even in herinnering te brengen, maar ook om stil te staan bij de figuur van het pilootarrest. En uiteraard kijken we ook even naar de huidige stand van zaken en het standpunt van het...
lees meer
Rooman t. België: langdurige detentie zonder gepaste zorg bij gebrek aan Duitstalige zorgverleners schendt art. 3 en 5 EVRM In een arrest van 31 januari 2019 (Rooman t. België) heeft de Grote Kamer België veroordeeld wegens schending van artikel 3 EVRM (onmenselijke behandeling) en artikel 5 EVRM (onwettige vrijheidsberoving). lees meer Infiltratie op het internet Een infiltratie op het internet houdt in dat gespecialiseerde politiediensten op het internet contacten onderhouden met een of meerdere personen waarvan er ernstige aanwijzingen bestaan dat zij feiten plegen die strafbaar zijn met minstens een jaar gevangenisstraf. lees meer Criminis snelnieuws Dzivev e.a.: verplichting om btw-inbreuken doeltreffend te bestrijden verzet zich niet tegen uitsluiting onrechtmatig verkregen bewijs In de zaak Dzivev en andere (C-310/16) heeft het Hof van Justitie op 17 januari 2019 een interessant arrest uitgesproken over de uitsluiting van onrechtmatig verkregen bewijs in fiscale strafzaken. In dit geval ging het om een onwettige beslissing tot telefoontap.

Het Hof stelt in essentie vast dat de lidstaten weliswaar moeten zorgen voor een daadwerkelijke bestrijding van inbreuken op de btw-wetgeving, maar dat dit niet verhindert dat onrechtmatig verkregen bewijs wordt uitgesloten, ook al is dat het enige bewijs op grond waarvan de verdachte kan worden veroordeeld.
lees meer
Actieve informatieplicht inzake terrorisme voor personeelsleden OCMW is ongrondwettig In een arrest van vandaag heeft het Grondwettelijk Hof beslist dat de actieve informatieplicht inzake terrorisme, die in 2017 werd ingevoerd voor personeelsleden van (onder meer) een OCMW, strijdig is met het legaliteitsbeginsel. lees meer Grondwettelijk Hof verfijnt strafrechtelijk gezag van gewijsde voor de burgerlijke rechter In een Valentijnsarrest van 14 februari 2019 heeft het Grondwettelijk Hof verduidelijkt dat het strafrechtelijk gezag van gewijsde zich er niet tegen verzet dat een definitief veroordeelde beklaagde die vervolgens is opgeroepen voor de burgerlijke rechter, in dat burgerlijk proces meegeniet van het bewijs van zijn onschuld dat geleverd wordt door een andere partij die niet bij het strafproces was betrokken. lees meer